|
|
 |
Honden hebben het natuurlijke leiderschap in zich en kunnen ons hierin doen verwonderen. Hoe natuurlijker en authentieker je bent en je gedraagt, hoe meer de hond samenwerking laat zien en je leiderschap aanvaardt. Wil je de leiding nemen door macht uit te oefenen, door bijvoorbeeld de hond aan de riem mee te trekken, dan zullen sommige honden dit tolereren en met duidelijke tegenzin tijdelijk het gewenste gedrag vertonen. Zodra het machtsmiddel niet meer voorhanden is, bijvoorbeeld door de hond van de lijn te halen, kiezen deze honden alsnog hun eigen pad. Andere honden gaan direct in de weerstand en zullen zich verzetten, ook als ze aan de lijn lopen. In beide gevallen accepteert de hond het leiderschap niet. Geef je echter leiding vanuit kracht en overtuiging, dan krijgt de hond plezier en vertrouwen in jou als baas en zijn 'roedelleider'.
Als je iets gedaan wilt krijgen van een hond, moet de boodschap eenduidig zijn in lichaamshouding, geest en gebaar. Zegt het lichaam iets anders dan de geest of het gebaar, dan is de boodschap dus dubbel. Een hond raakt dan in de war en zal het leiderschap niet accepteren. Op de werkvloer en in het prive-leven werkt het vaak niet veel anders.
Bron: Daniel van Gelooven en Mariet van Os
|
 |